Enge dingen doen!

oftewel: alle oude ‘veiligheden’ loslaten

“No one ever regrets raising the bar, Kim, ever, ever, ever.
Scare yourself,
The Universe”

Dit is dan wel een mailtje dat naar duizenden (of meer) mensen wordt gestuurd (via Tut.com), het komt op een goed moment: ik heb nog nooit zoveel goede, enge dingen gedaan in zo’n korte periode!

In de afgelopen maanden ben ik gaan samenwonen, ben ik geheel op de bonnefooi op vakantie gegaan, ben ik opgenomen in een deel van mijn familie waar ik tot nu toe nooit (of weinig) contact mee had, heb ik besloten om mijn werkzaamheden uit te breiden en mijn bedrijf nu echt in de spotlight te zetten verder te laten groeien.
Stuk voor stuk dingen die ik grandioos eng vond: Wat als het helemaal mis gaat? Wat als ik mezelf kwijt raak? Wat als ze me niet aardig vinden? En in het geval van een bergkam in de prachtige Oostenrijkse Alpen: Wat als ik hier ter plekke doodga?

 

img_1573

Ik ben dingen gaan doen die ik normaal niet zou doen, niet omdat ik ze niet wilde doen, maar omdat ik ze gewoonweg niet durfde. of omdat ik te klein dacht: of omdat ik dacht dat ik te klein, te jong, te onervaren, of gewoon te schijterig was om ze te doen.
Eén van die dingen was het beklimmen van een bergkam in Oostenrijk. Klimmen naar een top die ik al eng vond als ik er alleen al naar keek, supersmalle ‘paadjes’ langs de afgrond naar boven klommen, maar vooral de ongelofelijke LEEGTE die overal om ons heen was. Ik voelde hoe mijn benen ermee op wilden houden, ik trilde aan alle kanten, bij elke stap dacht ik in de afgrond naast me te zullen vallen en ik hield me dan ook krampachtig vast aan elke mogelijke rots/steen/plukje gras dat in de buurt was. Mijn lief noemde me liefkozend (maar ook heel hard lachend!) Bambi, en zo voelde ik me ook.

Hoe eng ik het ook vond, het heeft me laten ontdekken hoe veel ik nog vasthoudt om de stevigheid om me heen. Hoeveel houvast ik heb aan de wetenschap dat er om me heen dingen zijn die groter, sterker, steviger zijn dan ik. Maar ook hoezeer ik mezelf daardoor laat tegenhouden. Hoeveel ik ook heb gedaan, ik heb me altijd in enige vorm kleiner gehouden dan de dingen of de mensen om me heen. En nu, in dit jaar waarin het zo ontzettend tijd is om helemaal mezelf te zijn en mezelf neer te zetten, was dit een mooie manier om mij duidelijk te maken dat ik daarvoor toch echt (echt?), ja nu écht, de veilige armen, de stevigheid, maar ook de beperking van de dingen en de mensen om mij heen mag achterlaten. Dat ik helemaal op mijn eigen pad mag gaan lopen, en helemaal zelf mijn eigen stevigheid mag zijn. Dat ik helemaal zelf mag bepalen waar ik heen ga, via welke weg, hoe ik daar naartoe kom, of ik klim, klauter, huppel of spring.

Dood en dood en dood-eng vond ik het, dat lopen op die bergkam, en nog veel enger vind ik het om dit nu echt in het leven toe te passen. Mijn eigen weg gaan, op mijn eigen manier, ongeacht de consequenties. Het gekke is dat ik een ongelofelijke kracht voel als ik hieraan denk. En niet in mijn hoofd, of in mijn hart, of zelfs in mijn buik, maar in mijn BENEN. Alsof ik omhoog gestuwd wordt, vooruit gestuwd word op mijn pad. Alsof mijn benen eeeeindelijk de stappen kunnen zetten die ze al die tijd al wilden zetten. Ik zat ze alleen in de weg omdat ik vond dat het kleine beschutte paadje ook wel goed genoeg was. Niet dus.

Ik ga een stukje lopen, wat jij? 😉

Bergkam Oostenrijk (2)